Nieuws van de VOO

Het eerste van A.S.C. werd in seizoen 1941-1942 op het veld aan De Kempenaerstraat kampioen van de derde klasse A in de Nederlandsche Voetbalbond.

Najaarslezing: Sporten in Bezettingstijd

De najaarslezing van de Vereniging Oud Oegstgeest (VOO) werd gehouden op 20 november in de grote zaal van het Dorpscentrum aan de Lijtweg. Michel van Gent, sporthistoricus en bestuurslid van de VOO, hield de lezing Sporten in bezettingstijd. De sportverenigingen in Oegstgeest tijdens de Tweede Wereldoorlog. Centraal stond de vraag: hoe stonden de Duitse bezetters tegenover de Nederlandse sportwereld en welke uitwerking hadden landelijke maatregelen voor de sportverenigingen in Oegstgeest?

In het verleden is nauwelijks onderzoek gedaan naar de sportclubs uit Oegstgeest tussen 1940-1945. Van Dort en Driessen hebben in Oegstgeest in bange dagen enkel wat gegevens over A.S.C. opgenomen. Van Gent heeft veel onderzoek gedaan in archieven van het NIOD, sportbonden en plaatselijke sportverenigingen. Hij kon zodoende de lotgevallen van voetbalclubs A.S.C., S.C.O. en U.D.O, tennisverenigingen L.L.T.C. (thans OLTC) en de Oegstgeester Tennis Vereeniging, hockeyclub L.M.H.C. (thans LOHC) en korfbalvereniging Fiks behoorlijk reconstrueren.

Uit de lezing kwam naar voren dat de Duitsers positief tegen de sport in Nederland stonden. Zij zagen in de sportbeoefening een goede uitlaatklep voor algehele onvrede en frustraties tegen hun bewind. Dat betekende niet dat zij de sporters zomaar hun gang lieten gaan. Alle sportbonden en sportclubs moesten zich aanmelden bij de procureurs-generaal en het Commissariaat voor niet-commerciële verenigingen en stichtingen. Deze beide instanties hielden streng toezicht op het verenigingsleven. Voor alle activiteiten van de verenigingen moest toestemming worden gevraagd: het houden van een algemene ledenvergadering of een feestavond en alle wijzigingen in het bestuur en de statuten. Alle sportbeoefening kwam officieel onder controle van het nieuwe Departement van Opvoeding, Wetenschappen en Kultuurbescherming. Voor alle takken van sport kwam er één landelijke sportbond, waarbij alle verenigingen in die tak van sport moesten zijn aangesloten. De christelijke sportbonden wilden geen fusie met neutrale sportbonden, omdat zij dan medeverantwoordelijk zouden worden voor sport op zondag. Zij besloten zichzelf in 1942 op te heffen. De katholieke gymnastiekfederatie had bezwaar tegen de frivole kleding van de turnsters van neutrale verenigingen. Ook deze federatie verdween in 1942 van het sporttoneel.

In 1941 werden de Joden steeds meer uitgesloten uit het openbare leven. Zij mochten niet meer deelnemen of kijken naar sportwedstrijden. Alle Joodse sportverenigingen werden ontbonden. Later in dat jaar mochten Joden ook niet langer lid zijn van neutrale verenigingen, waarmee zij alle banden met de sportwereld waren kwijtgeraakt.

Binnen Oegstgeest werd er tot 1944 nog veel aan sport gedaan. In 1939 werd S.C.O. ontbonden door gebrek aan leden na de mobilisatie. De L.L.T.C. speelde in 1940 zijn laatste officiële tenniswedstrijden. De Oegstgeester Tennisvereeniging werd begin 1941 geroyeerd door de bond wegens wanbetaling. Fiks en U.D.O. verdwenen in de loop van 1942, zodat alleen A.S.C. en de LM.H.C. tot en met seizoen 1943-1944 actief bleven. In september 1944 werd alle sportbeoefening onmogelijk door de opmars van de geallieerden in het zuiden en het oosten van ons land. Ook de spoorwegstaking en de dreiging van Engelse vliegtuigen maakten aan alle animo om nog te sporten een einde. De sport in Oegstgeest herstelde zich snel na de bevrijding, want bijna alle verdwenen verenigingen werden heropgericht.