Irislaan, Oudenhof

In de negende eeuw werd heel West-Europa geteisterd door de invallen van de Vikingen. In 856 was onze streek aan de beurt. In Noordwijk werd priester Jeroen vermoord en in Oegstgeest ging het Groene Kerkje in vlammen op. Van hogerhand kwam de opdracht burchten te bouwen om de bevolking een vluchtplaats te geven bij nieuwe invallen. Overal werden burchten gebouwd in de vorm van ronde houten palissaden, gemaakt van stevig eiken. Want baksteen konden ze toen nog niet maken, natuursteen uit de Eifel was veel te duur en bomen waren er genoeg. Hier in de buurt gebeurde dat in Wassenaar, in Rijnsburg, in Leiden en vermoedelijk in Warmond. In Oegstgeest kwam eveneens zo’n burcht te staan, een flinke grote, 40 meter in doorsnee. Maar daarmee hield de overeenkomst met de andere burchten op. Want de Oudenhof, zoals de burcht later zou worden genoemd, kreeg maar liefst drie cirkelvormige grachten. Rondom de burcht lag een gracht met een breedte van niet minder dan 14 tot 16 meter. Daarna kwam de middelste gracht met een breedte van 6 meter en tenslotte de buitenste gracht met een breedte van 10 tot 13 meter. Tussen de grachten lagen twee wallen die 4 tot 8 meter breed waren.
De verdedigingswerken op de twee wallen tussen de grachten bestonden uit ondoordringbare hagen van duindoorn of andere doornige struiken. In een latere fase, de dertiende of veertiende eeuw, werd de houten palissade vervangen door een stenen ringmuur, vergelijkbaar met die van de Leidse Burcht, maar dan wat groter, gemaakt van grote kloostermoppen.
Vermoedelijk woonde er niemand in de burcht zelf maar diende die alleen maar als vluchtburcht in geval van nood. Er zijn tenminste nooit sporen van bouwwerken of van bewoningsafval in het middendeel gevonden, een paar bier- of wijnkruiken uit de dertiende of veertiende eeuw daargelaten. Ten zuiden van de buitenste ringgracht zijn echter wel vage sporen van gebouwen gezien en bij de brug daar is ook keukenafval gevonden, zodat het mogelijk is dat hier de woongebouwen hebben gestaan. Waarschijnlijk heeft daar ook een gracht gelopen die aansloot op de buitenste ringgracht, zodat, als je een plattegrond van het geheel zou maken, deze het uiterlijk van een ei met de punt omlaag zou krijgen. Het midden van het cirkelvormige gedeelte, de waterburcht, lag dus onder de Verhalenverteller; de buitenste gracht liep tot aan de Oudenhofmolen die er nu staat en tot royaal onder het winkel-appartementengebouw aan de Irislaan. De zuidelijke woonvleugel ligt nu deels onder het flatgebouw op de hoek van de Lange Voort/Ommevoort en de Lijtweg. Het burchtcomplex is dus enorm, een van de grootste van Nederland, met een grootste lengte van ruim 200 meter en een grootste breedte van circa 150 meter. Er passen bijna vier voetbalvelden in.
Over al die grachten liepen bruggen. Een juk van een van die bruggen is teruggevonden. Het was een mooi staaltje middeleeuws timmermanswerk met een hoogte van 2 en een breedte van maar liefst 3 meter.
De Oudenhof kwam nog tot 1447 in de stukken voor, rond 1500 zal de bebouwing verdwenen zijn. Op een kaart van 1550 is de plek waar de waterburcht lag nog aangegeven. In het begin van de twintigste eeuw zijn ook de laatste wallen weggeëgaliseerd.
Geraadpleegde bronnen: Canon van Oegstgeest