Levend verleden

04 Duinzigt en Baron van Wijkerslooth

Dit bos is genoemd naar Cornelis Ludovicus baron van Wijkerslooth, bisschop van Curium en stichter van het voormalige klooster Duinzicht. Het vroegere kloostergebouw staat links naast het 17e-eeuwse woonhuis hiernaast. Van Wijkerslooth werd in 1786 in Haarlem geboren en overleed in 1851. Hij kocht in 1834 de buitenplaats ‘Duinzigt’ met het rond 1809 door tuinarchitect J.D. Zocher sr. aangelegde wandelbos. De bisschop liet in het bos een ambtswoning bouwen die in de volksmond ‘het witte paleisje’ werd genoemd.

Van Wijkerslooth reisde voortdurend door Nederland om kerken in te zegenen, priesters te wijden, scholen te bouwen, contacten te leggen en nog veel meer. Daarbij keek hij uit naar een geschikte kloosterorde om zijn grote wens in vervulling te laten gaan: het stichten van een klooster op zijn buitenplaats voor onderwijs aan wezen en opvang van bejaarden. In 1853, twee jaar na zijn dood, stond er een franciscanessenklooster, werd er onderwijs en onderdak gegeven aan wezen en werden er ‘oude lieden’ verzorgd. De bejaardenzorg heeft 130 jaar in Duinzicht gezeten.

Het ‘witte paleisje’ van Van Wijkerslooth is in 1915 wegens bouwvalligheid afgebroken. De ruime tuin van het klooster kwam in 1948 in bezit van de gemeente Oegstgeest die er het openbaar wandelpark ‘Bos van Wijckerslooth’ van maakte.

Witte paleisje en tuin 1805
Plattegrond Bos van Wijckerslooth 1806

Aanvullende informatie

Cornelis L. van Wijkerslooth begon als negentienjarige een rechtenstudie in Brussel. Binnen een jaar koos hij ervoor om priester te worden en ging hij naar het grootseminarie in Warmond. De student Van Wijkerslooth was een uitblinker en werd in 1811 in Paderborn tot priester gewijd. Hij ging lesgeven in Warmond en werd daar in 1816 tot professor in de theologie benoemd. Daarnaast kreeg hij opdracht een vooropleiding voor priesters te stichten, wat sinds 1815 weer was toegestaan. Dit werd het kleinseminarie Haegenvelt in Driehuis. In Katwijk stichtte hij, op de plaats waar eeuwen eerder de heer van Oegstgeest kasteel Het Zand bezat, een Jezuïtenschool waar katholieke jongens zich konden voorbereiden op de universiteit. In 1833 werd hij in Munster tot bisschop gewijd.

Doordat er steeds minder kloosterzusters waren kon niet meer aan de nieuwe normen in de zorg voldaan worden. In 1981 werden de laatste bejaarden overgeplaatst naar elders in Oegstgeest. Ook de zusters verdwenen uit het klooster, dat nadien een kantoorfunctie kreeg.